Bijbelbagageverhalen > de verhalen > En het huis viel niet om

En het huis viel niet om

Er was eens een man in het dorp die vaak in de herberg kwam,
maar hij zat meestal alleen in een hoekje.
Hij zei niet veel.
De mensen wisten wel dat hij geen prettig leven had.
Altijd had hij pech.
Daarom wist hij al van tevoren
dat iets niet zou lukken.
Of dat hij het wel niet zou krijgen.
En dat niemand hem aardig vond.
Zo dacht hij. En zo was het dan ook.

Dan die andere man,
die ook vaak in de herberg kwam.
Als hij maar even wat verdiend had, trakteerde hij.
hem lukte alles, leek het wel,
want hij dacht van tevoren dat het goed zou gaan.
En hij hield van de mensen.
Zelfs als iemand niet aardig was, dacht hij:
och, wie weet, zit er onder dat boze gezicht
nog wel iets vriendelijks verborgen.
hij leefde met plezier en wist zeker:
God zal me helpen, ook als het moeilijk gaat met me,
of als ik iets verkeerds heb gedaan.
De mensen zagen hem graag komen.
En hij floot een vrolijk liedje als hij langs kwam op straat.

Nu gebeurde het dat beide mannen
een nieuw huis gingen bouwen.
En beide zochten een stuk grond.
De ene man zocht niet lang, want hij was bang
dat zijn oude huisje het niet lang meer zou maken.
En dan had hij tenminste gauw een nieuw dak boven zijn hoofd.
De ander zocht lang naar een goede plek,
naar een stevig fundament voor de muren.
Hij groef zo diep dat hij op de rustgrond kwam.
En daarop ging hij bouwen.
Beide huisjes kwamen klaar.
Ze leken veel op elkaar.
Het waren eenvoudige huisjes: een paar muren en een dak.
Het werd winter.
Op een dag kwam er een storm en ging het keihard regenen.
De wegen werden riviertjes.
Opeens hoorde de bange man iets kraken.
Hij rende naar buiten.
Hij zag dat het water al het zand meevoerde.
Zo zag hij zijn huisje omvallen.
Het huisje van de andere man bleef staan,
want dat stond op stevige rotsgrond.
Dat was niet stuk te krijgen.

(Het huis van Licht, komen uit het licht (bewerkt) pag 60,61, Mt 7: 24-29)
 

Klik hier om dit verhaal te lezen zoals het in de Bijbel (NBV 2004) staat